Translate

Posts tonen met het label crochet. Alle posts tonen
Posts tonen met het label crochet. Alle posts tonen

dinsdag 24 september 2013

Boekenlegger

De vraag was: wat kan men snel en gemakkelijk van een strengetje borduurgaren maken (zonder te veel restjes over te hebben)?

Bij voorbeeld een boekenlegger:

Hiervoor is nodig:  


1 strengetje borduurgaren (6-draads / 8 m)
1 stukje Aida-band (26 draadjes)
1 borduur-ring
1 borduurnaald zonder punt
1 haaknaald 1 of 1,5

een eenvoudig patroon voor een kleur (hartjes, ruiten, hokjes)
passend voor de Aida-band (max. 26 steken breed en ca. 50 steken hoog)

Begin ermee het borduurgaren te splitsen in drie bolletjes van twee draden van 8 meter.

Span de Aida-band in de borduur-ring en borduur volgens het gekozen patroon (verbruik: ongeveer een tot anderhalf bolletjes borduurgaren, 2-draads).
Haal de band uit de borduur-ring en zoom de boven- en onderkant.

lusjes aan de onderkant





Borduur onder in de zoom een rij van 13 lusjes

.






         
fantasie-randje


Haak van het overgebleven borduurgaren een fantasierandje. Dit is een voorbeeld:
haak in de lusjes:
toer 1: 13 stokjes
toer 2: een overslaan, 3 lossen, 2 stokjes, 1 losse (1 overslaan), 3 stokjes, 1 losse (1 overslaan), 3 stokjes
toer 3: een overslaan, 3 lossen, 8 stokjes
toer 4: een overslaan, 3 lossen, 2 stokjes, 1 losse (1 overslaan), 3 stokjes
toer 5: twee overslaan, 3 lossen, 2 stokjes (= puntje van de driehoek)
en verder:
3 lossen, 3 stokjes in de begin-lossen van toer 4
3 lossen, 3 stokjes in het laatste stokje van toer 3
3 lossen, 3 stokjes in de begin-lossen van toer 2
3 lossen, 3 stokjes in het laatste stokje van toer 1, 3 lossen
Nu in elk boogje van de Aida-band een groepje van *1 vaste, 3 stokjes, 1 vaste* haken
tot dat deze kant klaar is. Het draadje wegwerken en afhechten.

klaar! 
Vervolgens een nieuwe draad boven aan de andere kant aanzetten en in elk boogje van de Aida-band
een groepje van *1 vaste, 3 stokjes, 1 vaste* haken.
Dan:
3 lossen, 3 stokjes in de begin-lossen van toer 1
3 lossen, 3 stokjes in het laatste stokje van toer 2
3 lossen, 3 stokjes in de begin-lossen van toer 3
3 lossen, 3 stokjes in het laatste stokje van toer 4
3 lossen en een halve vaste in de 3e begin-losse van toer 5.
Het draadje wegwerken en afhechten.


Dit is alleen maar een voorbeeld, laat je inspireren door kleine en eenvoudige borduur- en haakpatronen voor een geheel eigen ontwerp!  

zondag 18 augustus 2013

Regenboog-Moebius




Hij  is af!
Ik hou van “Moebius”: niet zomaar “een sjaaltje met een slag erin”, maar een opzet met een speciale draai, en vervolgens een werkwijze, waar je aan weerszijden van de opzet, zeg maar in vorm van een “platte 8”, vanuit het midden naar de kanten toe werkt.
Hoe en waarom dat zo gaat heeft de heer Möbius uitgevonden. Dus niet schrikken als hier een beetje wiskunde komt kijken :-)   (zie:  Moebius op wikipedia)

Bij Blij dat ik brei kwam ik dit prachtige garen tegen: een bol vier-draads katoen-acryl met daarin ongeveer 20 kleurwissels in alle kleuren van de regenboog. De draad is 1090 meter lang, ruim voldoende voor een haakwerk, gehaakt heb ik met met haaknaalden nr. 5, en ik heb voor een waaier-patroon over 17 steken (vasten en stokjes) gekozen.

Deze kol is (plat) 60 cm lang (dus ongeveer 120 cm in het rond) en 60 cm hoog. Wie hem liever langer wil hebben kan de opzet om een veelvoud van 17 uitbreiden. De kol wordt dan wel minder hoog. Mijn model op de foto heeft ongeveer maat 36.
Hiervoor had ik 14 rapporten van 17 steken nodig.

Normaal gesproken hebben wij geleerd dat we een opzet moeten haken door een reeks losse, waarin dan de eerste toer vaste of stokjes gehaakt wordt. Hier zag ik enorm tegen op: 14 rapporten van 17 steken zijn 238 losse, en daarin moet je dan weer steken zien te haken.
Gelukkig had Jeanet van Blij dat ik brei een idee: een opzet met maar 3 lossen, die eindeloos uitgebreid kan worden:
http://knitting-crochet.wonderhowto.com/how-to/start-chainless-half-double-crochet-foundation-217422/
De video is in het Engels, maar goed te volgen: na drie lossen haak je een stokje in de eerste losse. Het tweede stokje haak je in het onderste deel van het eerste stokje. Het derde stokje haak je in het onderste deel van het tweede stokje, en zo voort. Het mooie hierbij is: er ontstaan meteen aan weerszijden mooie v-tjes, waarin je gemakkelijk in kunt haken.
Deze opzet van 238 steken heb ik een halve slag gedraaid en aan beide kanten m.b.v. halve vasten verbonden.
Wel opletten: maar een halve slag draaien! Hij moet er uitzien als een Moebius-strip.

Voor de eerste toer van het patroon begin je met drie lossen (deze vervangen het eerste stokje van de waaier) en vier stokjes in de eerste tussenruimte van de opzet. Dan 7 keer een tussenruimte overslaan en een stokje in de volgende tussenruimte haken. Dan een overslaan en 5 stokjes in de volgende tussenruimte.  De toer eindigt met 5 stokjes in de laatste tussenruimte.  Na de laatste groep van 5 stokjes sluit je de toer  met een halve vaste in de bovenste losse van je begin-lossen. De tweede toer begin je met twee lossen (i.p.v. de eerste vaste) en in elke steek een vaste, eindigen met een halve vaste in de ketting van twee lossen bij het begin. 
Toer 1 en 2 steeds herhalen, tot dat het garen op is.

Het patroon van "5 stokjes in een vaste - een overslaan , 7 x *1 stokje, 1 overslaan* - 5 stokjes in een vaste" steeds herhalen. Alleen bij het begin van de oneven toeren vervang je het eerste stokje door drie lossen, bij het begin van de even toeren vervang je de eerste vaste door twee lossen. Elke toer wordt gesloten met een halve vaste in de bovenste begin-losse.

Dit is een schema van een  rapport van het waaier-patroon, de kleuren geven aan hoe het waaier-patroon werkt:


De kleuren geven aan op welk stokje de vasten gehaakt worden. De grote lus op de eerste en laatste vaste ontstaat van zelf als je er 5 stokjes in haakt, dit is dus alleen ter illustratie.



Je kunt ook ervoor kiezen na de laatste kleurwissel allen nog vasten te haken om een mooie afsluiting te krijgen.



En een bedeltje maakt het werk dan nog helemaal af!